Vrouw leest een boek op een stapel boeken in de vorm van een trap door Clay Banks via Unsplash

Droombaan

Zoals ik tot in den treuren heb beschreven, ben ik niet langer wetenschapper. De reden dat ik er mijn mond niet over houd, is dat ik het heel jammer vind dat ik niet meer betaald word om onderzoek te doen. Dat was uiteraard al een luxepositie waar ik me in bevond, en dat het geƫindigd is niet heel gek gezien het huidige wetenschappelijke klimaat.

Om onderzoek te blijven doen, kan ik alternatieven bedenken. Kortstondige posities. Of als onderzoeksjournalist aan de slag. Een vriendin doet dat, maar ze mag zelden zelf kiezen wat ze onderzoekt. En het geeft geen regelmatige inkomsten. Iets voor de langere termijn, dat zit er op dit moment gewoonweg niet in.

Daarom doe ik wat onderzoek betreft momenteel vooral aan dromen. Als ik nu helemaal zelf zou mogen kiezen, wat zou ik dan doen? Dan zou ik het gewicht van personages in een selectie van proza in kaart gaan brengen met behulp van computeranalyses. Dik, dun, en alle varianten. Wordt dat genoemd? Hangt daar een oordeel aan vast? Maakt het per genre nog wat uit? Wat hebben andere identiteitskenmerken ermee te maken, zoals gender, etnische achtergrond en seksualiteit? Daarnaast zou ik individuele romans onderzoeken die specifiek over gewicht gaan, zoals Zeven soorten honger en De stiefmoeder van Renate Dorrestein. Lijkt me ontzettend boeiend om te doen.

Of: met oud-collega Andreas verder onderzoek doen naar literaire kwaliteitsoordelen, genre en gender – er blijven altijd onbeantwoorde vragen als je onderzoek doet.

Als ik mocht kiezen, dan was ik onderdeel van een groep onafhankelijke onderzoekers. We zouden dan geld binnenhalen via andere kanalen dan het NWO met haar tenenkrommende regels. (NWO is de monopolist in het kleine beetje Nederlands overheidsgeld dat er nog is voor wetenschap.) Hoe dat dan moet, dat geld binnen harken, dat is een ander verhaal.

Ik wil geen Word-documenten volschrijven waarin ik geldschieters naar de mond praat en probeer aan hun speerpunten of andersoortige voorgedefinieerde kaders te voldoen. Waarin ik doe alsof ik al weet wat eruit gaat komen. (Waarom moet ik dat vooraf weten? Dan deed ik dat onderzoek toch niet?) Ik snap dat het er nog steeds bij hoort in de wetenschap, maar ik wil het niet meer.

Zeker omdat de kans dat er daadwerkelijk geld of een positie uitkomt zo ontzettend klein is. Dan kan ik toch beter die tijd in het onderzoek zelf stoppen. Ionica Smeets zei ooit iets als: ‘De loterij is belasting voor mensen die geen wiskunde kunnen’, maar datzelfde geldt tegenwoordig voor de wetenschap, vooral de geesteswetenschap. Ik hoorde zelfs al over het laten meetellen van niet-gehonoreerde aanvragen op het CV, omdat de kans op honorering tegenwoordig nagenoeg nul is. Dus overheidsgeld: nope. Maar ik wil ook geen ‘door Mojo gefinancierd wetenschappelijk onderzoek concludeert dat buitenfestivals best kunnen‘. Dat heeft een te hoog WC-eend-gehalte.

Ik zou dergelijk onderzoek uit eigen zak kunnen betalen. Een probleempje: ik verdien al een tijdje geen eigen geld meer. En als ik ervoor kies dat onderzoek te doen, dan kan ik aan het eind van niemand betaling verwachten. Dus doe ik dat niet.

Ik zie dus eigenlijk maar een enkele oplossing. Als iemand dit leest die

  • bakken met geld heeft
  • onderzoek wil financieren op basis van een voorstel van 1 A4
  • en geen belang heeft bij de uitkomsten

Hier ben ik! En ik hoef niet alleen te komen. Ik ken nog wel wat mensen die ook geweldig zijn en onderzoek willen doen maar de huidige situatie in de wetenschap zat zijn. Daar ken ik er zelfs best wel veel van. En die doen geen flauw theoretisch wiskundig onderzoek waar je niks mee kunt, maar onderzoek dat direct impact heeft op de samenleving. Waardoor we snappen wat mensen beweegt! Cultuur in kaart brengen! (Hey, je weet maar nooit.)

Niet dat ik helemaal geen onderzoek meer doe. In het kader van mijn boek ben ik nog wat terug gedoken in mijn wetenschappelijke werk. Dat was goed en zeker ook een vorm van onderzoek waar ik plezier in had. Alleen het voorschot dat ik kreeg, dekte bij lange lange na mijn uren niet. Dus nu kan ik alleen hopen dat het een succes wordt en er weer wat geld binnenrolt. Ook deels een soort loterij, zoals veel uitgevers weten.

Intussen heb ik iets in gang gezet wat helemaal naast het intellectuele leven bestaat. Wat weinig met wetenschappelijk onderzoek te maken heeft. Waar ik niet na hoef te denken over mijn mate van feminisme en mijn intellectuele verkoopbaarheid. En ik word er blij van. Ik ben begonnen met een eigen bedrijf in ambachtelijk breiwerk.

Ik heb me daar toch druk over gemaakt in de aanloop naar het verschijnen van mijn boek: als mensen dat weten, geloven ze dan nog wel in mijn wetenschappelijke onderzoek? En dan: dat zijn juist de vooroordelen die ik probeer te bestrijden! (Handwerk! Vrouweninteresses! Bah!) Ik breng het standpunt van mijn boek in de praktijk! Alleen: zelfs die verdediging wil ik vanaf nu niet meer opwerpen. Mijn fucks to give raken steeds verder op.

Ik ben een schrijver. Ik ben een onderzoeker. Ik ben een ambachtsmens. Ik hoop dat een paar van die dingen me geld op gaan leveren in de komende maanden. Op wat voor manier dan ook. Ik doe nooit minder dan mijn best, dus het komt vast goed.

Fotocredit: Foto door Clay Banks via Unsplash